‘Dit is ongelooflijk!’ roept Boudewijn. Hij duwt zijn schouders naar achteren en zijn manborsten naar voren. Hij heeft ze voor minder in elkaar geslagen, roept hij naar het studentje achter de balie. Het kan hem niet schelen dat ze koud zestien is. Als hij haar geen manieren leert, wie dan? Ze moet al bijna huilen. Bijna is niet goed genoeg. ‘Wie wacht hier al twee uur, jij of ik?’ Hij perst zijn vingernagels in de duim van zijn rechterhand. Met zijn andere hand wijst Boudewijn naar de overkant, naar de vijand: ‘Geef me godverdomme mijn Playmobil Magic kristallen paleis-set!’