Bij de lunch word ik gehinderd door Henri. Dat doet hij soms. Hij is één van de hoofdpersonen van mijn nieuwe roman. Ik zit op het terras, duidelijk vakantie te vieren, maar dat weerhoudt hem er niet van om mijn gedachten binnen te wandelen. Typisch Henri, alleen maar denkend aan zichzelf. Het kan hem niets schelen dat ik in Spanje zit. Ik jaag hem naar de achtergrond. Toledo ligt er prachtig bij. Het is een plaatsje niet ver onder de hoofdstad van Spanje. Ik zit in de zon. Het is bijna dertig graden in de regio waar wij ons bevinden, Castilië-La Mancha. Heel fijn. En het blijft droog. Althans, op voorhoofden en okselholtes na.