Omhaal

De tweeëntwintig mannen op het veld roken damp. Zeven van hen dragen hun haar in een mannenknot. De keeper – kalend en de dikste van zijn team – trapt de bal naar voren en vervolgt de conversatie met zijn vrouw die achter het doel vraagt waarom de auto niet start. Ze legt uit: ‘Ik moet meteen naar de haven’.
‘Het is te koud,’ snauwt de man. Hij gebaart dat ze moet verdwijnen. ‘Ik sta te keepen.’
‘Je staat, ja,’ bijt ze hem toe. Ze drukt haar pasgeborene steviger tegen zich aan en beent langs het omkleedkot naar de uitgang.

Eerste keer

De wereld leek zaterdag 13 oktober 2012 te vergaan. De Maya’s krijgen gelijk, dacht ik. Ik hing met een elleboog aan de bar. Ik dronk bier in Veghel. Nooit gedacht dat ik dat ooit zou doen, bier drinken in Veghel, en ik moet het nog eens overdoen om u te vertellen hoe Veghels bier smaakt. Het podium – een harig verhoginkje – was slechts een paar passen van mij verwijderd. In de hoek stond een piano. De toetsen bleven onaangetast; het podium was die avond van de literatuur. De Veghelse stadsdichter Bas Geeraets leidde de avond in en vroeg om een applaus voor Stefan Popa.